Vloerverwarming
Vloerverwarming
Het toepassen van vloerverwarming in een terrazzovloer is mogelijk, maar een vloer is uiteraard geen radiator. Scheurvorming is een groot risico en er zijn geen garanties dat die niet optreedt. Het welslagen van een verwarmde vloer vereist een strenge en goed gecoördineerde samenwerking tussen de verschillende partijen die er bij betrokkenen (kunnen) zijn: De installateur van de verwarming, het terrazzobedrijf, de architect / de ontwerper en het bouwbedrijf.
Wie doet wat?
Normaliter zal het terrazzobedrijf zorg dragen voor scheidings-, wapenings-, tussen- en terrazzolaag. Het aanbrengen van de vloerverwarming is het werk voor een installateur. Voor de garantie is het beter dat een installateur scheiding en wapening aanbrent om slangen vast te zetten.
Laagdikte
Bij het ontwerp wordt vaak onvoldoende rekening gehouden met de laagopbouw en dikte die dit vereist. Als er sprake is van een isolatielaag dient gedacht te worden aan minstens 70 mm. Zonder isolatielaag, wat alleen mogelijk is als de constructievloer zeer vlak is, dient er rekening gehouden te worden met minstens 50 mm. De genoemde laagdiktes betreffen dan het totaal van de dikte van isolatie, tussenlaag en terrazzolaag.
Hoofdverwarming/Bijverwarming?
Het is niet juist een hoofdverwarming met een watertemperatuur boven de 35º in een cementgebonden vloer is toe te passen. Dit omdat er sterke temperatuurschommelingen optreden vanwege het regelmatig aan- en uitschakelen van de vloerverwarming.
Zwevende vloer
Bij vloerverwarming wordt vaak de dekvloer “zwevend” uitgevoerd, ook als thermische of akoestische isolatie niet nodig is. Hierbij wordt isolatiemateriaal als scheidingslaag op de constructievloer aangebracht. Hierop wordt daarna de tussenlaag aangebracht. De scheidingslaag voorkomt schade bij thermische uitzettingen. Pas om met plinten!
Scheidingslaag
Een isolatielaag scheidt de tussenlaag en de terrazzolaag van de constructievloer. Als een isolatielaag niet noodzakelijk is kan een dubbele laag folie worden toegepast worden als scheidingslaag mits de vloer zeer vlak is.
Een vlakke ligging van isolatieplaten is vaak noodzakelijk om breuk van deze platen door belopen te voorkomen en om een gelijkmatige ondersteuning van de dekvloer te verzekeren. Niveauverschillen van meer dan 10 mm in de constructievloer zijn niet acceptabel.
Langs de vloerranden dienen stroken van een samendrukbaar materiaal (randisolatie bijvoorbeeld schuimband) te worden aangebracht van minimaal 7 mm dik en met een hoogte die ten minste gelijk is aan de dikte van de vloer en (indien van toepassing) de hoogte van de terrazzoplint (sanitairplint). Dit zodat enige werking, die het gevolg is van temperatuursveranderingen, mogelijk blijft.
Leidingen
Het leggen van de (vloerverwarmings)leidingen, het toepassen van dilataties, de dekking op de leidingen, de toe te passen koppelingen en mantelbuizen; het zijn specialistische werkzaamheden die door een ervaren installatiebedrijf dienen te worden uitgevoerd.
De afstand tussen verwarmingsbuizen moet minstens 3 maal de diameter van de buis zijn. Op de verwarmingsbuizen dient veelal minstens 40 mm materiaal (dekking) aanwezig te zijn. Bemanteling door ruim bemeten of thermisch isolerende mantelbuizen verdient de voorkeur. Dit geldt veelal ook voor verticale doorgaande leidingen of buizen die geen direct contact mogen hebben met de terrazzovloer.
Wapening
Bij vloerverwarming wordt over het algemeen boven het verwarmingselement een krimpwapening geplaatst. De krimpwapening dient bij deurdoorgangen en velddilataties onderbroken te zijn. Bij calciumsulfaatgebonden dekvloeren is geen wapening nodig. De dekking op de vloerverwarming dient te zijn opgegeven door het terrazzobedrijf.
Dilataties
Afhankelijk van de vorm en grootte van de vloer moeten er dilataties worden gemaakt. Over de plaats dient met het terrazzovloer overlegd te worden.
Tussenlaag
Leidingen en wapening worden daarna in de tussenlaag ingewerkt. De tussenlaag is een cementgebonden dekvloer waaraan hogere eisen gesteld worden dan aan de normaliter toegepaste dekvloeren.
Terrazzolaag
De terrazzolaag wordt op de tussenlaag aangebracht.
Inbedrijfstelling van de vloerverwarming
Om scheurvorming te voorkomen moet zeer veel aandacht gegeven te worden aan het opstoken. Dit om de kans op schade te minimaliseren. De periode tussen het leggen van de terrazzovloer en het begin van het opstoken dient in overleg met het terrazzobedrijf te zijn vastgesteld. Te denken aan 6 of meer weken. De vloertemperatuur moet de eerste maal zeer geleidelijk in stappen van ten hoogste 5° C per 24 uur opgevoerd worden. De temperatuursverhoging dient te worden doorgezet tot de maximale bedrijfstemperatuur bereikt wordt welke dan minstens 3 dagen aangehouden dient te blijven. De dekvloer kan zo de maximale uitzetting en relaxatie van de opgebouwde verhinderingspanningen ondergaan. Terugkeer naar de begintemperatuur dient eveneens geleidelijk te gebeuren in stappen van 5° C per 24 uur. Ook na de ingebruikneming en eerste cyclus moet de dekvloer steeds geleidelijk worden opgewarmd. Beveilig een elektrische vloerverwarming zo mogelijk tegen snel opwarmen en te hoge temperatuur en vermijd regelmatig aan- en uitschakelen. De massieve dikke vloer heeft als voordeel dat het een goede warmteaccumulator is waardoor het regelmatig aan- en uitschakelen niet nodig is en dat dit juist een voordeel is. Bij vloeren van terrazzo, zeker in natte ruimtes, is het maken van plinten door het uitzetten en krimpen een aandachtspunt.