Home

Terminologie 

 

 

 

Badkamervloer techniek

Terrazzo geslepen

Terrazzo gewassen

Terrazzo slachthuis

Nen normlijst

Onderhoudsadvies

Restaureren

Vloerverwarming

Technisch nieuws

Reactie formulier

Downloadpagina

 

 

 

 

  B  C  D  E  F  G  H  K  L  N  M  O  P  Q  R  T  U  V  W  X  Y  Z  

Termen en definities

Anhydriet
Zelfegaliserende, met anhydriet (CaSO4) gebonden dekvloer. Ongeschikt voor buiten. Gevoelig voor vocht en ongeschikt als tussenlaag voor terrazzo.
Aanbrandlaag
Dunne laag die op een muur - of vloervlak is aangebracht om een betere hechting te verwezenlijken voor een daarop aan te brengen specielaag.
Aanbranden
Een muur- of vloervlak met een dunnen specie behandelen om de hechting van een daarop aan te brengen specielaag te verbeteren.
Beton
Een al dan niet verhard mengsel van grof en fijn toeslagmateriaal, cement, water en eventueel hulp en/of vulstoffen.
Betonkwaliteit (na 28 dagen verharding)
B12,5 staat voor 12,5 N/mm2 (125kg/cm2)
B17,5 staat voor 17,5 N/mm2 (175kg/cm2)
B22,5 staat voor 22,5 N/mm2 (225kg/cm2
B30    staat voor 30 N/mm2 (300kg/cm2)
B37,5 staat voor 37,5N/mm2 (375kg/cm2
B45    staat voor 45 N/mm2 (450kg/cm2
B52,5 staat voor 52,5N/mm2 (525kg/cm2
Bindmiddel
Component in specie welke beoogt de vulstof(fen) duurzaam bijeen te houden.
Cementgebonden terrazzovloer
Niet constructieve dekvloer die over het algemeen in twee lagen is opgebouwd, waarbij cement als bindmiddel wordt toegepast en waarvan de zichtbare toplaag uit terrazzo bestaat.
Consistentiegebieden
Consistentie van betonspecie moet worden aangepast aan de methoden van transport en verdichting die op het bouwwerk worden toegepast. Er worden vier consistentiegebieden onderscheiden; aardvochtig, halfplastisch, plastisch en vloeibaar.
Constructievloer
Zie; draagvloer.
D15, D20, D30, D40 (Nen 2741)
De classificatie van de sterkte van met cementgebonden dekvloeren na 28 dagen verharding.
D15 staat voor druksterkte 15N/mm2 (115kg/cm2)
D20 staat voor druksterkte 20N/mm2 (200kg/cm2)
D30 staat voor druksterkte 30 N/mm2 (300kg/cm2
D40 staat voor druksterkte 40 N/mm2 (400kg/cm2
Dekvloer
Elke afwerklaag, al dan niet op een draagvloer aangebracht, bestaande uit een of meer bindmiddelen en vulstoffen.
DTG                 
Dekvloer terrazzo geslepen  
DTU                 
Dekvloer terrazzo uitgewassen
DTUS               
Dekvloer terrazzo uitgewassen slachthuis
Draagvloer     
Horizontaal bouwdeel met een constructieve functie waarop de terrazzovloer wordt aangebracht, en die in staat is de optredende belastingen op te nemen en af te dragen aan de hoofddraagconstructie.
Opmerking 1
De draagvloer levert de benodigde draagkracht, stabiliteit en stijfheid aan de terrazzovloer.
Opmerking 2
Een terrazzovloer wordt bij voorkeur op een steenachtige draagvloer (bijvoorbeeld beton) aangebracht, maar ook een ondergrond van staal en hout is mogelijk.
Dilatatie
Een volledige doorsnijding van de constructie en afwerking zodat de bouwdelen onafhankelijk van elkaar kunnen bewegen (werken).
Fluaat
Praktijknaam voor zout van waterstofhexafluorosilicaat (H2SiF6). Opmerking: 1 Het fluateren dient voor het binden van oplosbare calciumverbindingen in klakhoudende ondergronden. 2. Er zijn onder de naam "fluaat" ook produkten in de handel, die bedoeld zijn als polijst -, onderhoud - en reinigingsmiddel voor natuursteen, die in  samenstelling geen verband hebben met de bovenstaande stof.
Fluateren
Nabewerking waarbij het vloeroppervlak met een fluaat wordt behandeld om het terrazzo-oppervlak van een glans te voorzien.
Granito  
Te ontraden term voor terrazzo. 
Hechtlaag
Extra laag die een hechting tussen de draagvloer en de daarop aangebrachte dekvloer verbeterd.
Hechtend
De tussenlaag heeft een dikte van minimaal 3 cm (al dan niet voorzien van een bouwstaalmat Ø 4mm ) deze tussenlaag wordt rechtstreeks op de ondergrond gelijmd
Niet hechtend
De tussenlaag wordt doormiddel van een membraan van de ondergrond  gescheiden. Deze methode wordt toegepast bij vloeren voorzien van vloerverwarming en bij prefab betonnen vloeren. In beide gevallen is de tussenlaag dikte minimaal 7 cm voorzien van bouwstaalmat Ø 5-6mm.
Impregneren
Nabewerking waarbij het vloeroppervlak met een vloeistof wordt behandeld met het doel om het terrazzo bepaalde eigenschappen te geven (bijvoorbeeld bestandheid tegen chemische stoffen, bescherming tegen klimatologische omstandigheden, of bepaalde mate van waterbestendigheid)
Krimpvoeg
Een gedeeltelijke insnijding in een constructiedeel (bepaald vloerdeel) die een uitzetting en krimp in een constructie toelaat.
Kristalliseren
Een speciale behandeling bedoeld voor marmer- en terrazzovloeren.
Tijdens het kristalliseren reageert het calciumcarbonaat met de cruciale component van het kristallisatiemiddel  (zeer vaak is dit magnesiumsiliciumfluoride tot een calciumfluoride) (fluoriet). Omdat fluoriet harder is dan calciet (± 11 procent), ontstaat een meer slijtvaste toplaag. Veel belangrijker gevolg is echter, dat de toplaag dichter is (minder poreus en dus minder vlekgevoelig) en in veel gevallen stroever. 
Lewis - zwaluwstaartplaten
LEWIS® platen zijn zwaluwstaartvormig gewalste, zelfdragende stalen wapeningsplaten, die worden gebruikt voor de bekisting en wapening van dunne lichtgewicht betonvloeren op (veelal) houten draagconstructies.
NEN 2741        
Met cement gebonden dekvloeren Kwaliteit en uitvoering.
NEN 1042         
Nederlandse norm; in het werk vervaardigde vloeren - kwaliteit en uitvoering van cementgebonden terrazzovloeren. Terrazzo-afwerklagen-  Classificatie, uitvoeringseisen en keuring.
Mortel
Verharde specie.
Mozaïek
Inlegwerk van steen, glas.
Overschuren
Bewerking die na het spachtelen plaatsvindt waarbij het vloeroppervlak van de toplaag wordt nageschuurd met schurende middelen die een schuurgradatie hebben tot en met korrel 120.
Polijsten; politoeren
Bewerking waarbij het vloeroppervlak door schuren met zeer fijnkorrelig, schurende middelen een glad en (hoog) glanzend uiterlijk te geven.
Portlandcementklinker
Een grondstof voor het fabriceren van cement, bepaald mengsel bereid uit kalksteen en klei.
Prefab - geprefabriceerd
Van te voren in de fabriek zo vervaardigd dat het naderhand ter plaatse in elkaar gezet kan worden.
Schuren; slijpen
Bewerking waarbij, door handmatig of machinaal slijpen, een vloeroppervlak wordt verkregen dat in hoofdzaak wordt gevormd door de slijpvlakken van de korrels van het toeslagmateriaal.
Spachtelen; plamuren
Bewerking waarbij gaatjes en poriën in het vloeroppervlak van de toplaag worden gevuld, door het oppervlak met een gemodificeerde cementpasta in te wrijven.
Specie
Onverhard mengsel  bestaande uit één of meer bindmiddelen of vulstoffen bestemd voor de vervaardiging , c.q. behandeling van plafonds, wanden of vloeren, gereed voor de verwerking. Opmerking: Op de bouwplaats worden de termen specie en mortel nogal eens met elkaar verward.
Sierbeton
Mengsel van cement, grind en zand in verschillende kleur - en korrelgradering dat na bewerking het beton een fraai uiterlijk geeft. 
Stroefheid
De grootte van de weerstand tegen wrijving, bepaald volgens NEN 2873
Opmerking
De Stroefheid mag niet worden verward met de ruwheid van een vloeroppervlak.
Terrazzo 
Sierbetonproduct bestaande uit een homogeen mengsel van voornamelijk korrels van gebroken natuursteen met diverse kleurschakeringen, dat na verharding van het toegevoegde bindmiddel een vloeroppervlakbewerking ondergaat waardoor een vlak en glad  gepolijst vloeroppervlak ontstaat. Of een Sierbetonproduct bestaande uit een homogeen mengsel van natuursteen -  of kwartskorrels dat na bewerking wordt uitgewassen waardoor een ruw oppervlak ontstaat.
Opmerking 1
Aan de terrazzomortel kunnen eventueel ook kleur-en/of hulpstoffen zijn toegevoegd.
Opmerking 2
Mozaïek is verwant aan terrazzo en kan in verband worden gebracht met de banden en figuren van zetsteentjes en/of marmerblokjes, die als afscheiding van de terrazzovlakken kunnen voorkomen in de afwerklaag. In Nederland worden de termen "terrazzo" en "granito" vaak in hetzelfde verband gebruikt, maar in de NEN 1042 wordt alleen van "terrazzo" gesproken; en het gebruik van "granito" wordt ontraden.
Textuurdiepte
Mate van ruwheid van een vloeroppervlak, bepaald volgens de 'Sand patch-' of zandvlekmethode zoals beschreven in bijlage B van NEN 1042
Toeslagmateriaal
Mengsel van korrels dat geheel of gedeeltelijk uit een combinatie van diverse gebroken natuurlijke en/of kunstmatige bestanddelen bestaat.
Toplaag
Een laag terrazzomortel die wordt aangebracht als een vastliggende oppervlakte-afwerking van een vloer, en die na een of meer oppervlaktebewerkingen (en) bedoelt is om in het zicht te blijven.
Tussenlaag    
Een laag mortel die tussen de toplaag en de draagvloer wordt aangebracht, en die dient voor het egaliseren van de draagvloer en het nivelleren van de spanningen veroorzaakt door verhardingskrimp van de cementrijke toplaag. 
Opmerking
Tussen de toplaag en de draagvloer is meestal een tussenlaag nodig. Alleen wanneer tussen de opdrachtgever en het vloerenbedrijf is overeengekomen dat het oppervlak van de onderliggende draagvloer voldoende vlak, stijf, stabiel en ongescheurd is, kan hiervan worden afgeweken.
Uitwassen
Nabewerking waarbij met water wordt afgespoeld om de overtollige, niet- verharde cementpasta uit de toplaag te verwijderen om de terrazzovloer een schoon oppervlak met een bepaalde textuur te geven waarbij de korrels van het toeslagmateriaal duidelijk zichtbaar zijn.
Zoeten
Bewerken waarbij het vloeroppervlak met fijnkorrelige, schurende middelen wordt geschuurd tot er een glad niet-glanzend uiterlijk wordt verkregen.
Zwevende vloer
Dekvloer die geen direkt contact heeft met de draagvloer, wanden kolommen en leidingen.

 

 
 

[ Home ]